Anatomie hand

De hand is opgebouwd uit verschllende beenderen, de ossa carpalia (handwortelbeentjes) of pols, de ossa metacarpalia (middenhandsbeentjes) en de digiti (vingerkootjes).

De anatomie van de hand bestaat uit de ossa carpalia (handwortelbeentjes) of pols, de botjes van de ossa metacarpalia (middenhandsbeentjes) en de digiti (vingers).

Ossa carpalia (handwortelbeentjes)

Een horloge wordt eigenlijk gedragen aan het distale zijde van de onderarm en niet om de pols. De pols of campus is namelijk het proximale gedeelte van de hand. De handwortelbeentjes bestaan uit 8 kleine botjes. De botjes zijn door pezen met elkaar verbonden, in twee rijen van 4 botjes.

Botjes van de ossa carpalia (handwortelbeentjes);

  • os scaphoideum (bootvormig been)
  • os lunatum (maanvormig been)
  • os triquetrum (driehoeksbeen)
  • os pisiforme (erwtvormig been)
  • os trapezium (veelhoekig been)
  • os trapezoideum (klein veelhoekig been)
  • os capitatum (kopbeen)
  • os hamatum (haakvormig been)

Ossa metacarpalia (middenhandbeentjes)

De 5 middenhandsbeentjes of metacarpalia vormen de palm van de hand. De middenhandsbeentjes hebben geen afzonderlijkebenaming maar zijn genummerd van I tot V, waarbij de duim; metacarpaal I is genummerd  en de pink; metacarpaal V.

Digiti (vingerkootjes)

De digiti of vingers zijn evenals de middenhandsbeentjes genummerd van I tot V. De vingers bestaan uit drie phalanges (vingerkootjes) genaamd proximale falanx, intermediale falanx en distale falanx. De duim heeft geen intermediale falanx en heeft dus maar twee kootjes.

| | - adverteer-hier-button.png| | - wet-en-regelgeving-voor-registratie-en-voorraadbeheheer-van-medische-hulpmiddelen.png